193 algemeen erkende landen, telt de wereld in totaal. Maar daarnaast bestaat er ook nog een dozijn aan landen die niét die status genieten, ook al functioneren ze in de praktijk als een zelfstandige staat. Eén daarvan is Transnistrië. Deze smalle strook land in het oosten van Moldavië riep na de val van de Sovjet-Unie eenzijdig de onafhankelijkheid uit, ook al ging bijna niemand anders daarmee akkoord. Daar wilden wij wel het fijne van weten, dus boekten we onszelf dan maar een ongewone excursie naar wat het laatste restant van de Sovjet-Unie belooft te zijn. Van harte welkom in Transnistrië, een land dat eigenlijk niet eens bestaat.
Inhoudsopgave
Last updated on november 3rd, 2025
Excursie naar Transnistrië: in de schaduw van de Sovjet-Unie
De zwaarbewolkte hemel kleurt al even grijs als de aftandse Mazda, die mij en m’n metgezel Jan ’s ochtends oppikt aan het hotel in Purcari, een ruraal dorpje in het zuidoosten van Moldavië. Aan de achteruitkijkspiegel in de muffe Mazda bengelt een antiek modelvliegtuigje, met op z’n staart de typische rode ster – symbool van het communisme. Verder doet onze gezette chauffeur me ergens denken aan Onslow uit de Britse TV-serie Keeping Up Appearances, maar dan een Russische versie daarvan. Gelukkig vertrekt onze auto zonder luide knal, al blijft de kilometerteller van de auto wel halsstarrig op nul haperen. De toon voor vandaag is al meteen gezet.
Geen letter Engels, spreekt onze chauffeur. Verder dan een beleefde spasiba en pazhalusta – ‘dankjewel’ en ‘graag gedaan’ in het Russisch – komt onze conversatie niet. Op zich geen drama, want zijn enige taak berust erin om ons vlot Transnistrië binnen te loodsen en veilig naar Tiraspol te rijden, de vermeende hoofdstad van Transnistrië.
1. Een grens die er eigenlijk geen is
De grens tussen Moldavië en Transnistrië wordt grotendeels gevormd door de rivier Dnjestr. ‘Transnistrië’ betekent dan ook zoveel als ‘over de Dnjestr’. Die term horen ze in Transnistrië zelf niet zo graag, want zij liggen vanuit hun perspectief aan de ‘correcte’ kant van de rivier natuurlijk. Bijgevolg spreken ze zelf liever over Pridnestrovië: ‘voor de Dnjestr’. Aan Moldavische zijde stelt de grenspost niet zoveel voor: een bescheiden werfkeet, wat hekwerk op de baan en een ongeïnteresseerde agent die teken doet dat we mogen doorrijden. Moldavië maakt nog steeds aanspraak op Transnistrië en ziet dit punt dan ook niet als hun officiële staatsgrens. Maar eens we de brug over de rivier over zijn, is het menens.
“Pasporta!” bedelt onze chauffeur vriendelijk doch kordaat, terwijl hij ons de hand toereikt. Zonder veel aarzelen geven we hem onze reisdocumenten, waarna hij ermee uitstapt en ze aan de grenswachter in legeruniform overhandigt. Ook de koffer van de Mazda moet even open voor controle. Wie weet wat smokkelen we nog allemaal het land in? De norse grenswachter staart ons vervolgens met een priemende blik doorheen het autoraam aan en vergelijkt nauwkeurig onze gezichten met de foto’s in de paspoorten. Na enkele minuten zijn alle grensformaliteiten vervuld en krijgen we alle reisdocumenten terug. Samen met een gratis transitvisum, ons ’toegangsticket’ tot een mysterieuze wereld waar je misschien nog nooit van gehoord hebt én dat officieel niet eens bestaat. Welkom in Transnistrië!


2. Transnistrië: een korte geschiedenis
Maar hoe ontstond Transnistrië nu precies en waarom wil Moldavië dat maar niet aanvaarden? Wel, daarvoor moeten we even terug in de tijd. Naar het jaar 1990 meer bepaald, toen de Sovjet-Unie onherroepelijk uiteen spatte en heel wat deelrepublieken hun eigen koers gingen varen. Zo verging het ook de Moldavische Socialistische Sovjetrepubliek (MSSR). Moldavië zou zichzelf onafhankelijk verklaren in 1991, maar dat was niet naar de zin van de overwegend Slavische bevolking in het oosten van het land: Transnistrië in casu. Zij hadden immers schrik dat buurland Roemenië Moldavië opnieuw zou annexeren. Die vrees was niet helemaal onterecht, want dat gebeurde eerder al eens net na de Eerste Wereldoorlog en nog eens tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Om Transnistrië tegen ‘het Roemeense gevaar’ te beschermen, richtte Igor Smirnov, een hooggeplaatste politicus uit Tiraspol, in 1990 dan maar zijn eigen staatje op: de Pridnestrovische Moldavische Republiek, kortweg de PMR. Maar dat gebeurde niet zonder slag of stoot. Transnistrië gold namelijk als dé economische motor van Moldavië. De vele zware industrie en enkele grote elektriciteitscentrales waren op dat moment goed voor maar liefst 40% van het Moldavische BNP, terwijl het half miljoen inwoners van Transnistrië amper 17% van de totale Moldavische bevolking uitmaakte. Nogal wiedes dat Moldavië hun opstandige leerling niet zomaar zou laten gaan.
Moldavië verklaarde dan ook al snel de oorlog aan Smirnov. Als tegenreactie schoot het Russische leger Smirnov te hulp, wat uiteindelijk leidde tot een bloedige burgeroorlog die twee jaar zou duren. Transnistrië won die, met grote dank aan de Russen. Smirnov kon dus eindelijk het glas wodka heffen op een onafhankelijk Transnistrië, hoewel ‘zijn’ PMR tot op de dag van vandaag noch door Moldavië, noch door de rest van de internationale gemeenschap erkend wordt. Zelfs trouwe bondgenoot Rusland doet dat officieel niet. De enigen die Transnistrië wél als onafhankelijk land zien, zijn Abchazië en Zuid-Ossetië, twee ‘schijnstaten’ rond de Zwarte Zee die by the way óók geen internationale erkenning genieten.



3. Laatste bastion van de Sovjet-Unie
We worden in Tiraspol gedropt voor het gebouw van de Opperste Sovjet, zeg maar het parlement van Transnistrië. Op een hoge sokkel voor het brutalistische bouwwerk waakt een granieten Lenin nauwlettend over de stad. Het zou niet het enige beeld van de Russische revolutionair zijn die we in Transnistrië zouden ontmoeten. Het land staat bol van de Sovjet-symboliek.
“Waarom zouden we die ook uitwissen?” reageert Valerio – Val voor de vrienden en onze gids voor vandaag. “De Sovjet-Unie en het communisme maken nu eenmaal deel uit van onze geschiedenis en cultuur,” gaat hij verder, “hoewel de tijden ook hier intussen veranderd zijn.” En toch ziet Transnistrië eruit als het laatste bastion van de ooit zo machtige Sovjet-Unie, met al die hamers en sikkels die in het straatbeeld blijven haperen zijn.
Val spreekt trouwens wél onberispelijk Engels. Hij woonde en werkte dan ook vier jaar lang in het Britse Watford, maar keerde toch terug naar zijn heimat. “Zo slecht is het leven nu ook weer niet in Transnistrië”, verdedigt hij zichzelf. Al kan er wel maar met moeite een bescheiden glimlach van af op z’n gezicht.



4. Oorlogsmonumenten en Sovjet-symboliek in Tiraspol
We kruisen de Strada 25 Octombrie, één van de slagaders van Tiraspol. Ter hoogte van het Suvorovplein is de boulevard zodanig breed dat je er ieder moment een militaire parade verwacht. Op 2 september, de nationale feestdag van Transnistrië, gebeurt dat ook effectief.
We houden halt aan een groots oorlogsmonument, één van de vele in het land. Honderden namen staan er in de marmeren muur gebeiteld, allemaal ‘glorieuze helden’ die om het leven kwamen tijdens één van de vele drama’s uit de vorige eeuw: de Tweede Wereldoorlog, de burgeroorlog van 1990-1992 én de kernramp in Tsjernobyl, in 1986. Heel wat van de liquidators, mannen die er op zelfmoordmissie het radioactieve puin gingen ruimen, waren van hier afkomstig. Een dartele gasvlam tenslotte brengt hulde aan de onbekende soldaat.




We wandelen verder de kaarsrechte stadsboulevard af doorheen het centrum van Tiraspol. Toegegeven: de stad oogt best wel proper en modern, met tal van winkels, banken en ministeries. Zoals het een echte hoofdstad betaamt dus, maar dan rijkelijk overgoten met een kruidig Sovjet-sausje. Op een brede gevel boven enkele winkelpanden glinstert kleurrijke mozaïek in de kleuren van Transnistrië, op het Paleis van de Republiek brengt een fraai bas-reliëf op haast heroïsche wijze hulde aan de werkende klasse en voor het statige stadhuis van Tiraspol prijkt wederom het hoofd van kameraad Lenin.
De Sovjet-Unie had ook de gewoonte om in de grote steden z’n volkshelden te vergoddelijken. In Tiraspol koos men zo voor Yuri Gagarin, de allereerste mens ooit in de ruimte. Hij kreeg er een straat naar hem vernoemd, met daarin een borstbeeld en een gigantisch portret van de kosmonaut. Klein detail: zelf is Gagarin nooit in Tiraspol geweest…







5. Russische invloed
Het ontbreekt Val dan misschien aan enthousiasme, een vat vol kennis is hij wel. We stellen hem maar een vraag of hij weet er meteen het antwoord op, inclusief jaartal van gebeuren. Ik probeer wat dieper tot zijn encyclopedische hoofd door te dringen en wil vooral weten hoe het dagelijkse leven eraan toegaat in een land dat eigenlijk niet bestaat. En hoe zit dat nu met die ‘latrelatie’ tussen Transnistrië en Rusland? “Goh, zo’n goede vrienden met Rusland zijn we nu ook weer niet”, weerlegt Val.
Tijdens een referendum in 2006 stemde 97% van de bevolking nochtans vóór aansluiting op termijn. Naast iedere Transnistrische vlag wappert alleszins vrolijk de Russische driekleur en aan de muur in een ouderwets boekenwinkeltje pronkt zelfs het portret van de Russische president Vladimir Poetin. Verder zijn alle opschriften er integraal in het cyrillisch geschreven, een alfabet dat ze in Moldavië zelf al lang inruilden voor Latijnse tekens. Transnistrië voelt dan ook gewoon als een stukje Rusland aan. We vermoeden dat Val wat naar onze Europese mond babbelt en niet de hele waarheid vertelt.


6. Oorlog in Oekraïne
De Strada 25 Octombrie mondt aan oostelijke zijde uit op het Theater voor Drama en Komedie, dé plek waar Transnistrië op 2 september 1990 officieel de republiek uitriep. Op het kruispunt voor het theatergebouw geeft een wegwijzer de richting aan naar de Oekraïense havenstad Odessa, amper 102 kilometer verderop. “In het begin van de oorlog in Oekraïne kon je de bommen tot hier horen ontploffen”, huivert Val. Zo dichtbij is het.
Sinds die oorlog in 2022 begon, is de grens tussen Oekraïne en Transnistrië hermetisch afgesloten, inclusief prikkeldraad en loopgraven. De reden daarvoor? 1500 Russische strijdkrachten van het 14e regiment die nog steeds in Transnistrië gestationeerd zijn. Oekraïne is dan ook doodsbang dat die soldaten hen wel eens in de rug zouden durven aanvallen, ergo de sluiting en de extra versterking van de grens. Als gevolg daarvan viel de handel tussen Transnistrië en Oekraïne helemaal stil. De enige uitweg voor Transnistrië is nu enkel nog via Moldavië. Daar enigszins goede vrienden mee blijven is de boodschap dus, willen ze niet totaal geïsoleerd geraken.




7. Bloedbad van Bender
Met een versleten Sovjet-trolleybus van wel 50 jaar oud karren we naar onze volgende stop: Bender, zo’n 10 kilometer verderop. Dit is de enige stad in Transnistrië die op de rechteroever van de Dnjestr ligt. We komen onder meer langs het kolossale stadion van FC Sheriff Tiraspol, goed voor zo’n 13.000 zitjes. Naast de voetbalploeg bezit Sheriff een arsenaal aan tankstations, supermarkten en nog vele andere ondernemingen in Transnistrië. Noem het gerust een oligarchie, om het met een typisch Russische term te omschrijven.
“Nu even opletten met je camera”, waarschuwt Val, wanneer we de brug over de Dnjestr oprijden. “Aan de overkant is er een Russische controlepost. In 1992 kwam het dan wel tot een staakt-het-vuren tussen Moldavië en Transnistrië, officieel zijn beide landen nog steeds in staat van oorlog.” Dat verklaart de permanente aanwezigheid van de Russische ‘vredesmacht’ dus. Nog steeds houden ze de brug over de Dnjestr nauwlettend in de gaten. Er werd dan ook vooral in en rond Bender felle strijd geleverd tijdens de burgeroorlog van 1990-1992. Dat getuigen vooral de vele toegestopte kogelgaten, die we in de muur van een flatgebouw opmerken, eens we in Bender de bus verlaten. En ook hier weer brengt een omvangrijk gedenkteken hulde aan de vele gesneuvelden van toen.





8. Middeleeuws kasteel van Tighina
Gelukkig kent Transnistrië ook nog andere interessante bezienswaardigheden, eens niet in een Sovjet-sfeer. Zo bezoeken we in Bender het prachtige kasteel van Tighina, in de 16e eeuw opgetrokken door de Ottomanen op de oevers van de Dnjestr. Tighina is trouwens de oude naam van de stad, vooraleer het regime van Transnistrië het (opnieuw) in Bender omdoopte. Tussen 2008 en 2012 onderging het middeleeuwse fort een grondige restauratie en glundert het sindsdien weer als van oudsher.




Op de parking van het kasteel wacht Andreij Smolensk van PMR Tours ons intussen met de auto op voor het verdere verloop van de excursie in Transnistrië. Enkele jaren geleden leidde hij nog Tom Waes rond, in het kader van zijn avontuurlijk televisieprogramma Reizen Waes. Na het kasteelbezoek voert Andreij ons in Bender langs nog meer communistische bouwsels met typische Sovjet-architectuur: het monument ‘For the Fighters of Soviet Power’ uit 1969, het verlaten havenhuis van Bender, het Culturele Paleis Tkachenko uit 1962… Vervolgens verlaten we Bender, op naar de volgende stop.


9. Klooster van Kitskani
“En? Heb je onze gasten al wat interessante zaken vertelt over onze democratische republiek?” polst Andreij bij zijn collega Val, met sterke nadruk op het woord ‘democratisch’. Val draait met zijn ogen en lijkt de vraag eerder te ontwijken. Blijkbaar hebben beide heren een andere kijk op hun vaderland. Nochtans vaart Transnistrië al lang niet meer de koers van het communisme, ook al wekt het straatmeubilair een andere indruk. Tegenwoordig organiseert het land om de vijf jaar presidentsverkiezingen, al blijft het maar de vraag hoe eerlijk die precies verlopen. Zeker gezien de huidige invloedsfeer van Rusland op Transnistrië. Wereldreiziger Val denkt er wellicht het zijne van.
Met de auto klimmen we de vallei van de Dnjestr uit en bereiken niet veel later het vredige dorpje Kitskani. We houden halt aan het klooster van Noul Neamț. Dit religieuze oord werd in 1864 gesticht door een groep Slavische monniken, die uit Roemenië weggevlucht waren uit schrik voor vervolging. Kistkani behoorde toen immers nog tot het Russische Rijk. In 1962 sloot het communistische regime het klooster, waarna het dienst ging doen als ziekenhuis en museum. In de jaren 1990 werd de kloosterorde opnieuw in ere hersteld. Het domein telt vier fraaie orthodoxe kerken, elk met een eigen architectuur en een variërende grootorde. Een 69 meter hoge klokkentoren vormt de ingang van het keurige kloostercomplex.



10. Nog meer communistische monumenten
Na een kort intermezzo aan een zoveelste memorial uit WO II tuffen we verder naar het culturele centrum van Kitskani. Het gebouw uit 1965 lijkt wel een Sovjet-versie van een Griekse tempel. Op het fronton prijkt het communistische embleem van de voormalige Moldavisch SSR, terwijl op het plein ervoor andermaal een goddelijke buste blinkt van niemand anders dan – jawel – Lenin. Het muffe interieur van het culturele centrum bleef sinds het einde van de Sovjet-Unie quasi onaangeroerd. Een ware tijdscapsule is het. De muren van de foyer zijn beschilderd met kleurrijke taferelen in socialistische stijl en de oubollige theaterzaal ziet er nog net zo uit als vijftig jaar geleden.
Aan de rand van het dorp stoppen we nog even aan het Kitskani Bridgehead. Op dit panoramische punt, hoog boven de vallei van de Dnjestr, staat een stijve ‘obelisk van glorie’ van wel 35 meter hoog. In de verte zien we de steden Tiraspol en Bender schitteren, met ertussen de kronkelende Dnjestr. Het Kitskani Bridgehead speelde in 1944 een strategische rol tijdens Operatie Iași-Chisinau. De Sovjet-troepen van de 3e Oekraïense frontlinie deelden er op 20 augustus van dat jaar rake klappen uit aan de Duits-Roemeense vijand. Aan de voet van de obelisk tonen verschillende illustraties propagandagewijs hoe ‘heroïsch’ dat allemaal wel in zijn werk ging.




11. Ferry van Tiraspol
We laten Kitskani achter ons en zetten opnieuw koers naar Tiraspol. Terug in de auto vraag ik Andreij zonder schroom of hij Transnistrië ooit nog wel bij Moldavië ziet komen. “Natuurlijk zouden we beter af zijn onder de vleugels van Moldavië. Én als Europees staatsburger”, antwoordt hij onomwonden. Vijf dagen eerder won de Pro-Europese partij PAS de verkiezingen in Moldavië nog. Zij streven al jaren naar Europees lidmaatschap. Daar ligt volgens Andreij ook hún toekomst. Maar wat met hun Russische kameraden dan? “Ah, als puntje bij paaltje komt, laat Rusland ons toch maar vallen als een baksteen hoor. Uiteindelijk zijn wij voor Poetin niet meer dan kanonnenvlees”, besluit hij.
Vlak voor we Tiraspol opnieuw binnenrijden, hoppen we opnieuw naar de ‘juiste’ kant van de Dnjestr, deze keer per ferry. Enfin, het is te zeggen: meer dan een verroest ponton stelt de ferry van Tiraspol niet voor, maar duurzaam is dit transportmiddel wel! Meer dan een katrol, een stalen kabel en de stroming van de rivier heeft de schipper niet nodig om het vaartuig van de ene oever naar de andere te pendelen, zonder ook maar iets van extra aandrijving. “Supertechnologie uit Pridnestrovië”, grapt Andreij sarcastisch.


12. Terug naar de USSR
Eens terug in Tiraspol beëindigen we onze excursie in Transnistrië met een diner in een wel heel toepasselijk restaurant: ‘Back in the USSR’. En die naam stelt absoluut niet teleur. Buiten op het terras staan twee antieke auto’s uit vergane Sovjet-tijden te blinken – een Lada en een Volga warempel – en in de inkom van het restaurant bulkt het van de portretten en bustes van Lenin, Stalin, Marx en andere communistische kornuiten.
Het is nog maar laat op de namiddag en toch zit de tent al aardig vol. “Vooral oudere inwoners uit Tiraspol en omgeving komen hier graag de nostalgische sfeer van weleer opsnuiven”, vertelt Val. Het interieur ademt dan ook één en al Sovjet. De tafels zijn ingedekt met een tafelkleed in bloemetjesmotief en iedere pagina van de knalrode menukaart zit gewikkeld in een plastic mapje. Gezellig is anders, maar het heeft wel iets. En het eten is er best nog wel lekker ook!
Intussen weerklinkt uit de ouderwetse radio krakende popmuziek van Michael Jackson en zelfs The Ketchup Song van de Spaanse meidengroep Las Ketchup paradeert voorbij. Niet meteen de muziek die je met de Sovjet-Unie associeert. Westerse muziek was in die tijd zelfs verboden. Misschien is het wel een teken aan de wand dat er veranderingen op til zijn. Zou Transnistrië ooit de transitie durven wagen en toenadering tot Moldavië zoeken? Geen idee. In tussentijd blijft Transnistrië wel dat ene schijnstaatje in Europa, waar niemand echt vrienden mee wil zijn. Wel, bij deze hebben ze er toch al twee kameraden bij.




Inpakken en wegwezen
1. Erheen
Transnistrië beschikt noch over een eigen luchthaven, noch over internationale treinverbindingen. De enige manier om er te geraken, is over de weg via Moldavië.
Chisinau International Airport is de dichtstbijzijnde luchthaven, op een dik uur rijden van Tiraspol. Wizzair vliegt meermaals per week rechtstreeks tussen Charleroi (Brussels South) en Chisinau, een vlucht van zo’n 2,5 uur. Ook met LOT Polish Airlines vlieg je er vlot heen, maar dan met een overstap in Warschau. Vanuit Nederland gaan er geen rechtstreekse vluchten naar Chisinau.

Je kan Transnistrië perfect op eigen houtje verkennen: per huurwagen of met de lijnbus van Chisinau naar Tiraspol. Besef wel dat zo goed als geen enkele overheid er consulaire bijstand biedt in geval van nood. Bijna niemand erkent dan ook het regime van de PMR.
De hulp van een lokale gids die de taal spreekt biedt dan toch iets meer zekerheid. PMR Tours organiseert verschillende excursies in Transnistrië. Ze regelen naar wens ook het transport van je locatie in Moldavië naar Tiraspol en terug, inclusief bijstand aan de grens met Transnistrië.
ⓘ Een excursie in Transnistrië reserveren kan rechtstreeks bij Andreij Smolensk van PMR Tours, via Whatsapp: +373 777 41 678. Wij combineerden de Classic Tour en Soviet Tour in één dag en betaalden daarvoor in totaal 250 euro (twee personen), cash ter plaatse te betalen. Dat is inclusief transport van en naar het hotel in Moldavië, transport ter plaatse, de gids en toegangsgelden voor de bezienswaardigheden. Of boek via Get Your Guide één van de onderstaande excursies.
2. Overnachten
We bleven slapen bij Zen Resort & Spa in Purcari, een ingeslapen wijndorpje in het uiterste zuidoosten van Moldavië. Deze kleinschalige, modern ingerichte B&B is idyllisch gelegen bovenop een heuvel en staat garant voor prachtige vergezichten over de omgeving. Het hoteldomein herbergt een keurig onderhouden tuin met een oogverblindend (onverwarmd) buitenzwembad en ligzetels. Mits reservatie en tegen een supplement kan je gebruik maken van de tonsauna en de hot tub. Niet meteen hetgeen je in Moldavië verwacht. Bovendien bevindt Zen Resort & Spa zich op slechts 2,5 km van Château Purcari, één van de meest vermaarde wijndomeinen in Moldavië.
Via booking.com betaalden wij voor twee nachten in Zen Resort & Spa 250 euro per kamer, inclusief ontbijt (à-la-carte).




Wens je liever in de Moldavische hoofdstad Chisinau te verblijven? Wel, daar raden we Roxen Hotel & Spa aan, een fijn boetiekhotel in het centrum van de stad. Naar The Great National Assembly Square (Piața Marii Adunări Naționale) is het ongeveer een kwartier wandelen. Mits supplement is de ruime wellnessruimte in het hotel een uur lang helemaal van jou alleen. Er is onder meer een binnenzwembad, een Finse sauna en een hammam aanwezig.
Bij Roxen Hotel & Spa betaalden wij voor twee nachten in een tweepersoonskamer 140 euro, inclusief ontbijt.


Het is ook perfect mogelijk om een hotel in Transnistrië te reserveren en daar wat langer te blijven. In dat geval dien je wel je verblijfsadres aan te geven bij de Transnistrische grenswachters.
3. Enkele handige tips voor reizen naar Transnistrië
Het is misschien Noord-Korea niet, maar een trip naar Transnistrië vereist toch wel een korte handleiding. Hieronder alvast enkele tips die handig om weten zijn:
- Reizen naar Transnistrië is volkomen veilig. De enige reden waarom dit formeel afgeraden wordt, is omdat je geen consulaire bijstand geniet in geval van problemen ter plaatse. Doe gewoon geen domme dingen, net zoals elders in de wereld dus.
– - Een geldig paspoort of identiteitskaart volstaat om naar de PMR te reizen. Bij de grensovergang ontvang je een gratis transitvisum (gewoon een simpel kasticketje), dat je terug afgeeft bij het verlaten van Transnistrië. Er worden geen stempels geplaatst.
– - Je kan perfect op eigen houtje met een huurwagen naar Transnistrië reizen, maar dan dien je verplicht een autoverzekering en een wegenvignet aan de grens te kopen.
– - Fotografeer geen militaire controleposten en ook niet het Ministerie van Staatszekerheid in Tiraspol. Voor de rest ben je vrij te fotograferen wat je maar wil!
– - De naam ‘Transnistrië’ ligt ter plaatse nogal gevoelig. Gebruik hier dan ook de ‘officiële’ naam van de pseudorepubliek: Pridnestrovië of PMR.
– - De officiële munteenheid in Transnistrië is de Transnistrische roebel (PRB), niet te verwarren met de Russische roebel. Het is niet mogelijk en zelfs aanstootgevend om er met Moldavische lei te betalen. In Tiraspol kan je eenvoudigweg euro’s of US dollars inruilen voor roebels in een wisselkantoor.
– - Internationale betaalkaarten, zoals Visa, Mastercard of American Express, werken niet in Transnistrië.
– - Moldavische SIM-kaarten werken ook niet in de PMR, maar het land is op veel plekken zodanig smal dat je af en toe wel een GSM-signaal uit Moldavië opvangt. Je een lokale SIM-kaart aanschaffen voor slechts een dag is misschien wat overdreven.
– - Transnistrië kent drie officiële talen: Russisch, Roemeens en Oekraïens. Ze worden alle drie enkel en alleen in het cyrillisch geschreven, dus enige kennis van dit alfabet is altijd handig.
ⓘ Meer tips voor reizen in Moldavië zelf vind je via deze link.

Overzichtskaart
Ontdek meer van Op Congé met Xavier
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Mooi artikel en zag veel gelijkenissen met de stad Iasi in Roemenie waar ik zoveel ben geweest