Ken jij Québec al? Deze charmante vestingstad in het oosten van Canada omschrijft men ook wel eens als de meest Europese stad van Noord-Amerika. Denk: pittoreske kasseistraten, middeleeuws aandoende huizen en een kloek kasteel dat majestueus boven dat alles uitsteekt. En men spreekt er nog eens Frans ook. In de maand december ontpopt Québec zich bovendien tot een sprookjesachtig winterwonderland, waar zelfs de Kerstman jaloers op zou zijn. In dit artikel tippen we je alvast 14 winterse activiteiten en bezienswaardigheden in en rond de stad, waarmee je ongetwijfeld een ho-ho-h’onvergetelijke kerst in Québec beleeft.
Inhoudsopgave
Last updated on oktober 22nd, 2025
Québec: een vleugje Frankrijk in Noord-Amerika
“Eigenlijk kan je Québec in drie straten samenvatten”, prijst Martin zijn heimat ietwat modest aan. Waar de charmante receptionist van ons kunstzinnige hotel vooral op doelt, is dat de stad erg behapbaar is. De meeste bezienswaardigheden in Québec bevinden zich dan ook in en rond de Rue Saint-Jean, de Rue Saint-Louis en de Grande Allée Est.
Intussen ontvouwt Martin op de receptiebalie de stadskaart van Québec en kruist met balpen strategisch aan waar we volgens hem overal heen moeten. Precies of hij plant één of andere slinkse invasie. De laatste keer dat dat in Québec trouwens gebeurde – of toch succesvol – was in 1759, tijdens de Zevenjarige Oorlog. De Britse generaal James Wolfe gaf er toen zijn Franse rivaal Louis-Joseph de Montcalm ferm lik op stuk. Hooguit een kwartiertje, duurde de veldslag op de Plaines d’Abraham maar.

Vier jaar na de nederlaag hielden de Fransen het er definitief voor bekeken en zeiden Canada voor eens en voor altijd adieu. Vanaf 1763 zwaaiden de Britten er de scepter, bekrachtigd door het Verdrag van Parijs. Leuk weetje: hoewel Canada sinds 1982 volledige onafhankelijkheid geniet, is de Britse koning Charles III er nog steeds het officiële staatshoofd.
Desondanks lijkt het alsof de Fransen nooit uit Québec vertrokken zijn. Het Frans is dan ook de enige officiële taal in de ganse provincie Québec. Meer nog: strenge taalwetten moeten net voorkomen dat het Engels er ooit de bovenhand zou halen. Hier begroet je elkaar niet met ‘hello’ maar met ‘bonjour’, de Saint Lawrence River mondt er uit in zee als de Fleuve Saint-Laurent en ook de Kerstman spreek je hier netjes aan met Père Noël. De Québécois beweren zelfs het enige échte Frans te spreken, en niet hun verre neven en nichten in Europa. Awel merci!

Québec tijdens de kerstperiode: wat te doen?
1. Vieux-Québec
Wist je dat Québec de allereerste stad in Noord-Amerika is die z’n historische binnenstad op de werelderfgoedlijst van UNESCO mocht kerven? In 1985 was dat. Daarnaast draagt Québec ook de titel van enige ommuurde stad op het Noord-Amerikaanse continent. De antieke stadsomwallingen wisten de tand des tijds dan ook goed te doorstaan. Ook intra muros behield het straatbeeld van Vieux-Québec grotendeels zijn 19e-eeuwse uiterlijk. Hun zuiderburen uit de VS zijn er alleszins tuk op en trekken maar al te graag de grens over voor een korte citytrip naar Noord-Amerika’s meest Europese stad.
Vieux-Québec bestaat uit twee delen: een bovenstad (Haute-Ville) en een benedenstad (Basse-Ville). Het was hier, op de kliffen van de Cap Diamant, dat Samuel de Champlain in 1608 een eerste fort uit de granieten grond stampte. De versmalling in de rivier de Sint-Laurens bood er immers een enorm strategisch voordeel om het pas gestichte Nieuw-Frankrijk (Nouvelle-France) te verdedigen.


We flaneren de oude stad binnen doorheen de fraaie Porte Saint-Louis, dat schuin tegenover het provinciaal parlement van Québec (Hôtel du Parlement du Québec) ligt. Bovenop de centrale toren van het parlementsgebouw wappert trots de blauw-witte vlag van de provincie Québec, ook wel de Fleurdelisé genoemd. De vier Franse lelies op de vlag vormen een mooie knipoog naar het Franse verleden van de Canadese provincie.
Eens doorheen de poort vloeit de brede Grande Allée Est naadloos over in de veel fijnere Rue Saint-Louis. Dat zijn al meteen twee van de drie voornaamste straten, als we Martin mogen geloven. Vieux-Québec verkennen doe je het best te voet. Hier met de auto rondtoeren heeft maar weinig zin. Groot is het niet en het verkeer zit er toch vaak muurvast. Kuier er lukraak wat rond doorheen de wirwar van straten en laat je in Vieux-Québec gewoon verrassen door wat er vanachter ieder hoekje komt piepen. En tijdens de kerstperiode is het er des te gezelliger, met al die kerstversiering!




2. Duitse kerstmarkten
Geen kersttrip zonder kerstmarkt natuurlijk. En daar kennen ze er hier in Québec kennelijk alles van. Van eind november tot en met kerstavond vormen de tuinen van het stadhuis (Jardins de l’Hôtel-de-Ville), de Place de l’Hôtel de Ville en de Place d’Armes in Vieux-Québec het decor voor een sprookjesachtig kerstdorp: de Marché de Noël Allemand. Jawel, je leest het goed: een ‘Duitse’ kerstmarkt. Het is immers de Duitse gemeenschap van Québec die in 2008 het initiatief nam voor deze jaarlijkse hoogmis van opperste kerstsfeer.


Dat Duitsers nog steeds kampioen zijn in het organiseren van kerstmarkten, bewijzen ze hier in Québec maar al te goed. Ze hebben hun befaamde gemütlichkeit op uitstekende wijze de Atlantische Oceaan weten over te smokkelen. De Marché de Noël Allemand bulkt werkelijk van de prachtig gedecoreerde kerstkraampjes. De glühwein vloeit er rijkelijk en eens de duisternis invalt, floept overal de feeërieke kerstverlichting aan. We slenteren er langs straatnaamborden als de Himmelsteig, de Schatzgasse en de Theaterplatz en vergeten zo even dat we wel degelijk nog in Canada zijn.


Op de Place d’Youville – nét buiten de stadsmuren, aan de Porte Saint-Jean – vind je nog een ‘appendix’ van de Marché de Noël Allemand: Le Bergdorf – Village Alpin. Wie wil, kan er zich op glad ijs begeven op de schaatspiste in openlucht. De achtergrond wordt feeëriek ingekleurd door de keurig ingepakte Théâtre Capitole, die wel een reusachtig kerstcadeau lijkt.


3. Château Frontenac
Waar je in Vieux-Québec al helemaal niet kan naast kijken, is het iconische Fairmont Le Château Frontenac. Dit statige kasteel annex vijfsterrenhotel torent keizerlijk boven de Québecse skyline uit en geldt als hét embleem van de stad. Bijgevolg is het Château Frontenac ook één van de populairste bezienswaardigheden in Québec én naar verluidt zelfs het meest gefotografeerde hotel ter wereld. Daar doen wij bij deze nog een schepje bovenop!
Het waren de Canadese spoorwegen die in 1893 de opdracht gaven om bovenop de Cap Diamant dit luxehotel met 610 kamers en suites te bouwen. Het reusachtige bouwwerk werd opgetrokken uit baksteenrode muren en bedekt met kopergroene daken. Doorheen z’n rijke geschiedenis kwamen hier al talrijke wereldberoemdheden logeren, zoals Theodore Roosevelt, Charlie Chaplin, Céline Dion, Steven Spielberg, Leonardo DiCaprio en Angelina Jolie, om maar enkele klinkende namen te noemen.

Het zal je niet verbazen dat een verblijf in Château Frontenac verre van goedkoop is. Voor een kamer tel je in dit prestigieuze vijfsterrenhotel al gauw 300 à 400 euro per nacht neer. Niet meteen binnen jouw budget? Wel, sluip er dan op z’n minst gewoon eens naar binnen om het nostalgische interieur van de lobby met z’n marmeren vloer en eikenhouten muren te bewonderen. En om even aan de vrieskou te ontsnappen. Tijdens ons bezoek in december tikt de thermometer buiten een genadeloze 13 graden onder nul aan. Gelukkig krijgen we het binnen al snel weer warm bij het zien van de kleurrijke kerstversiering.



Ga in Château Frontenac ook zeker een cocktail drinken in de stijlvolle 1608 Bar. Het cijfer 1608 verwijst daarbij naar het stichtingsjaar van de stad Québec. Op die manier ben je geen fortuin kwijt aan een hotelovernachting, maar voel je je toch heel even kasteelheer of kasteeldame. Neem er plaats aan de ronde bar en kijk nieuwsgierig toe hoe de barman de perfecte cocktail voor je ineen shaket. Akkoord, de drankjes zijn misschien wat aan de prijzige kant, maar de glitter and glamour krijg je er gratis bij. Doorheen het raam vang je bovendien een mooie glimp op van de rivier Sint-Laurens.


4. Terrasse Dufferin en z’n antieke glijbaan
Terug in de ijzige kou buiten, in de schaduw van het Château Frontenac, belanden we op het Terrasse Dufferin. Deze wonderbaarlijke wandelpromenade strekt zich uit langsheen de ijzingwekkende afgrond van de Cap Diamant. Hier geniet je van een fenomenaal uitzicht over de sneeuwbedekte daken van de benedenstad (Basse-Ville) en de rivier, waarin de eerste ijsschotsen zich stilaan als ontbijtgranen in een kommetje melk beginnen te vormen. De vloer van het Terrasse Dufferin bestaat uit houten planken, maar die liggen in deze tijd van het jaar ook al verborgen onder een dikke laag sneeuw.




De elegante paviljoentjes in art nouveau en het 19e-eeuwse kasteel doen de promenade ietwat in een belle-époquesfeer baden. Het lijkt wel alsof het Terrasse Dufferin er al meer dan honderd jaar in de tijd bevroren is. Dat geldt des te meer voor La Glissade de la Terrasse Dufferin. Op deze antieke glijbaan uit ijs roetsj je op een houten slee aan een snelheid van zo’n 70 km/u de helling af. En dat doen ze hier al sedert 1884!


ⓘ La Glissade de la Terrasse Dufferin is open tijdens de maanden december, januari en februari, voor zover de weersomstandigheden dit toelaten. De prijs voor een ritje valt best mee: 4 Canadese dollar (± 2,70 euro). De prijs per rit daalt wanneer je meerdere ritten in één keer aankoopt.
5. Basse-Ville, de benedenstad van Québec
Via de Escalier Casse-Cou – vrij vertaald de ‘Trap van de Gebroken Nek’ – dalen we nu af naar de Basse-Ville, de benedenstad van Vieux-Québec. In ijzige omstandigheden zoals vandaag brengen we hier best wat voorzichtigheid aan de dag, willen we de beruchte trap z’n naam geen eer bewijzen. Wil je toch op zeker spelen? Of ben je niet zo goed te been? Dan kan je opteren voor de funiculaire. Deze kabelbaan overbrugt al sinds 1879 het hoogteverschil van 60 meter tussen beide stadsdelen in een mum van tijd.
ⓘ Een ritje met de funiculaire kost 5 Canadese dollar per persoon.


Eens beneden beland je meteen in de Rue du Petit-Champlain. Dit is ongetwijfeld één van de meest fotogenieke straten van Québec en ligt rijkelijk bezaaid met aanlokkelijke winkeltjes. De middeleeuws aandoende Place Royale mag er anders ook wel zijn. Een handvol ouderwetse huizen omringt er de ondergesneeuwde kasseien van het pittoreske plein. De schattige Église Notre-Dame-des-Victoires uit 1688 waakt fier over het plein en wie goed zoekt, vindt achter de kerstboom ook nog een buste van de Franse Zonnekoning Louis XIV.






6. Musée de la Civilisation
We huppelen verder naar het Musée de la Civilisation, iets verderop in de Basse-Ville. Ondanks z’n moderne architectuur deed de Israëlisch-Canadese architect Moshe Safdie toch z’n uiterste best om dit museum keurig in het historische karakter van Vieux-Québec te laten passen. Ook het brutalistische wooncomplex Habitat 67 in Montréal is overigens uit zijn brein ontsproten.
Binnen in het Musée de la Civilisation vertellen verschillende tijdelijke tentoonstellingen je wat meer over de mens en diens rol in de maatschappij. Tijdens ons bezoek aan Québec komen zo thema’s als genderidentiteit, de klimaatverandering en de onderwaardering van de hiphopcultuur aan bod. Daarnaast brengt het museum in een permanente tentoonstelling ook hulde aan de boeiende geschiedenis van de Inuit – de autochtone bevolking van Canada. Pas na het zien van deze expositie besef je eens te meer hoe deze bevolkingsgroep vandaag nog steeds keihard z’n weg zoekt in de hedendaagse maatschappij en z’n rechten probeert op te eisen.


7. Met de traversier de Sint-Laurens over
Nog zo’n insidertip van hotelreceptionist Martin: neem eens de traversier naar de rechteroever van de Sint-Laurens. Exact wat wij ook doen. Niet dat er in Lévis – aan de overkant van de rivier – veel te beleven valt, maar vanop de rivier is het uitzicht over de skyline van Québec naar ‘t schijnt op z’n mooist. En gelijk heeft hij wel!
De veerboot vertrekt vanuit de Basse-Ville, vlakbij de Place Royale. Aan de kades naast de gare fluviale stomen de ijsbrekers zich intussen ook al klaar. Binnen afzienbare tijd zal namelijk een groot deel van de rivier dichtvriezen en zullen de ijsbrekers het ijs te lijf moeten gaan, om zo de haven van Québec enigszins bevaarbaar te houden.




Tip: Ga aan de overkant van de rivier, vlakbij de veerterminal, een biertje drinken in Le Corsaire. Deze microbrouwerij annex café is ingekleed volgens een piratenthema. Al hun bieren worden er bovendien binnenshuis gebrouwen.

8. Parc des Champs-de-Bataille
Van de drukte even naar de rust dan. Ten zuiden van Vieux-Québec, tussen de Grande Allée Est en de Sint-Laurens, zal je op de kaart van Québec een groene vlek ontwaren: Parc des Champs-de-Bataille, alias de Plaines d’Abraham. Enfin, ‘groen’ is veel gezegd. De hevige sneeuwval van enkele dagen voordien heeft het stadspark namelijk in één groot winterwonderland herschapen. De inwoners van Québec komen er in de winter maar al te graag langlaufen in het park of met de kinderen per slee van de golvende heuvels afglijden. Tijdens onze wandeling is er zelfs een ijverige snowcat aan het werk, om de verse sneeuw in het park tot enige structuur te boetseren. Normaal zie je deze rupsbandenpatsers alleen maar op de skipistes in de bergen aan het werk.
Op een bepaalde dag in de geschiedenis zag het Parc des Champs-de-Bataille noch groen, noch wit, maar bloedrood. Het park ontleent z’n naam dan ook aan de bloederige veldslag tussen de Britten en de Fransen, die hier op 13 september 1759 kortstondig uitgevochten werd. Nu is het een serene plek in de stad waar het heerlijk wandelen is.





Tip: Wil je je wat meer verdiepen in de veldslag van 1759? Breng dan zeker een bezoek aan het Musée des plaines d’Abraham, in de noordelijke hoek van het park.
9. Citadel van Québec
Gesandwicht tussen het Parc des Champs-de-Bataille en Vieux-Québec domineert een stervormig bastion de vallei van de Sint-Laurens: de Citadel van Québec. De bewuste bataille van 1759 heeft de citadel nooit meegemaakt, aangezien het pas in 1832 opgeleverd werd. Meer nog: tot op heden raakte de citadel – even hout vasthouden – nog nooit in een militair conflict betrokken. Nochtans is het bolwerk nog steeds in gebruik door defensie. Je kan de citadel (deels) bezoeken, in het Musée Royal 22e Régiment.
10. Musée National des Beaux-Arts du Québec
Fan van kunst? Dan is het Musée National des Beaux-Arts du Québec – kortweg het MNBAQ – een absolute must. Je vindt deze kunsttempel in de westelijke uithoek van het Parc des Champs-de-Bataille, langsheen de drukke Grande Allée Est. In de permanente collectie vergaap je je aan heel wat kunstschatten uit de provincie Québec. Er is veel oog voor hedendaagse kunst en design, maar ook werken van de Inuit krijgt hier de aandacht die het verdient. Daarnaast organiseert men er doorheen het jaar ook enkele tijdelijke tentoonstellingen.
ⓘ Reken op een twintigtal minuten stappen vanaf Vieux-Québec. Je loopt er in één rechte lijn heen over de Grande Allée Est of middels een iets aangenamer ommetje doorheen het lieflijke Parc des Champs-de-Bataille. Als alternatief kan je ook bus 11 nemen, die vlak voor het museum stopt (halte Musée Beaux-Arts).








11. Chûtes de Montmorency
De volgende ochtend ontsnappen we even uit de stad. We maken we onze borst nat voor de Chûtes de Montmorency, een indrukwekkende waterval op zo’n 12 kilometer ten noordoosten van Vieux-Québec. Vanop 83 meter hoogte stort het water van de Montmorency zich hier met brute kracht in de Sint-Laurens. Een ietwat angstaanjagende hangbrug overspant er de kolkende watermassa boven de top van de waterval en zorgt ongetwijfeld voor een waterval aan emoties. Niet voor mensen met hoogtevrees, maar het uitzicht is er wel fenomenaal. En hoe meer de winter vordert, des te meer de waterval verstijft in grillige zuilen van ijs. De echte avonturiers kunnen zich hier dan zelfs aan een potje ijsklimmen wagen.
Het jammere is wel dat er in december amper iets open is aan de Chûtes de Montmorency. Zo is er normaal gezien een panoramische kabelbaan, die de top van de waterval – nabij de Manoir Montmorency – met de monding in de rivier verbindt. Tijdens de winter is die alleen maar open in de periode rond Nieuwjaar en opnieuw vanaf februari. Ook de lange reeks houten trappen vlakbij de waterval zijn – omwille van veiligheidsredenen – gans de winter gesloten.



Maar ieder nadeel hebbe zijn voordeel. Wanneer de kabelbaan niet in bedrijf is, hoef je geen toegang te betalen voor de Chûtes de Montmorency. Ook niet voor de hangbrug. Zelfs de parking nabij de Manoir Montmorency is gratis, mocht je met de wagen komen. In de Manoir Montmorency, een oude burgerlijke villa bovenaan de watervallen, zijn er toiletten en kan je je binnen wat opwarmen met een warm drankje. Er is ook een souvenirwinkeltje waar je even in kan rondsnuisteren. Het restaurant van de manoir is in die periode spijtig genoeg ook dicht.
ⓘ Neem vanuit het centrum van Québec métrobus 800 tot aan de eindhalte T.C.-Montmorency, vlakbij de top van de watervallen. De bus rijdt om de 5 à 15 minuten en legt het traject in ongeveer 40 minuten tijd af. Voor de toegang tot de site moet je vanaf de eindhalte wel een eindje teruglopen, tot aan de oprijlaan naar de Manoir Montmorency. Of neem vanuit het centrum een Uber.

12. Met de Train de Charlevoix naar Baie-Saint-Paul
Vanaf de Chûtes de Montmorency trekken we nog wat verder weg uit Québec, meer bepaald naar het knusse kunstenaarsdorpje Baie-Saint-Paul. Dat doen we met de Train de Charlevoix, een toeristische trein die Québec met Baie-Saint-Paul en La Malbaie verbindt, in de regio Charlevoix. Normaal gezien rijdt de trein enkel tijdens het zomerseizoen, maar in de kerstperiode legt de spoorwegmaatschappij speciale treinen naar de kerstmarkt van Baie-Saint-Paul in. Handig: de trein vertrekt aan de voet van de watervallen van Montmorency, nabij het dalstation van de kabelbaan. Op die manier kan je beide activiteiten perfect met elkaar kan combineren.


Twee uur lang slingeren we aan een gezapig tempo langsheen de schilderachtige Côte-de-Beaupré, de grillige linkeroever van de Sint-Laurens. Links van ons met dennen bezaaide bergflanken, rechts van ons het klotsende water van de steeds breder wordende rivier. Onderweg komen we ook nog langs de sneeuwwitte Basilique Sainte-Anne-de-Beaupré. Maar ook aan boord van de trein zelf vervelen we ons geen seconde. Het interieur van de oude Duitse dieselmotorwagen is mooi opgesmukt met kerstdecoratie, een mobiele bar serveert tijdens de rit lokale biertjes van Microbrasserie Charlevoix en een tweekoppig orkest met viool en gitaar zorgt voor het nodige vertier aan boord. Ambiance verzekerd!



Eens aangekomen in Baie-Saint-Paul huppelen we meteen naar de knusse kerstmarkt, zonder twijfel één van de mooiste die wij ooit bezochten. Qua sfeer en gezelligheid overstijgt het naar eigen zeggen zelfs die van Québec! Kneuterige houten chalets, knetterende vuurkorven en sfeervolle guirlandes scheppen er een sprookjesachtig decor van jingle bells. De dikke laag sneeuw maakt het postkaartplaatje helemaal af. Hier dromen we niet van een witte kerst, maar zitten we er gewoonweg midden in.




Baie-saint-Paul zelf is niet bijster groot, maar de centrale Rue Saint-Jean-Baptiste nodigt met z’n leuke winkeltjes en fijne kunstgalerijen wel sterk uit om eens rustig doorheen te kuieren. Verder vind je in dit artistieke dorpje ook Le Sentier de l’Art, een fotogeniek kunstparcours in openlucht. Een initiatief van het Musée d’Art Contemporain de Baie-Saint-Paul (MACBSP). En begin december belooft Illumine Baie-Saint-Paul heel wat lumineuze lichtspektakels, verspreid over het ganse dorp. Geen goedkope uitstap, maar beslist wel de moeite waard!






ⓘ Ter gelegenheid van de kerstmarkt in Baie-Saint-Paul biedt de Train de Charlevoix enkele speciale kerstarrangementen aan. Wij kozen voor het pakket waar naast de treinrit ook een driegangenlunch in Baie-Saint-Paul bij de prijs inbegrepen zit, in Bistro l’Artiste. Voor dit arrangement telden wij per persoon 185 Canadese doller (± 123). Wil je liever wat langer in Baie-Saint-Paul blijven? Boek je dan een kamer in Hôtel & Spa Le Germain Charlevoix. Dit wellnesshotel met vier sterren ligt zomaar even óp het perron van het treinstation. Ook hiervoor biedt de Train de Charlevoix speciale arrangementen aan. Je keert dan gewoon daags nadien met de trein terug naar Québec.
Tip: Reserveer je op de Train de Charlevoix een zitje aan de kant van de rivier (côté fleuve). Hier geniet je vanuit de trein van het mooiste uitzicht op de rivier. Soms wordt hiervoor wel een supplement gevraagd.

13. Strøm Spa
Veilig en wel terug in de stad Québec eindigen we onze wintertrip op een plek waar je vooral niets hoeft te doen. Strøm Spa Nordique Vieux-Québec is een hypermodern, Deens geïnspireerd wellnesswalhalla op de oevers van de Sint-Laurens. De vele sauna’s, stoombaden en rustruimtes garanderen je één en al ontspanning. Het paradepaardje van dit wondermooie wellnesscomplex is evenwel het grote overloopzwembad in openlucht. Het dampend hete water lijkt er precies in de rivier over te vloeien. Vooral in de winter wordt de ervaring dat tikkeltje specialer, wanneer het buiten stenen uit de grond vriest en je in de rivier zomaar even ijsschotsen voorbij drijven.
Ook leuk: je kan bij Strøm gewoon in badjas uit eten gaan, in Restaurant Nord. De menukaart is evenwel niet zo uitgebreid en het restaurant mist misschien wat aan gezelligheid, maar zo hoef je de spa tenminste niet uit en kan je na de lunch of het diner zo weer de sauna of het zwembad induiken.
Tip: kom op een dag in de week. Of in het weekend na 17u. Dan gelden er doorgaans iets goedkopere tarieven. Reserveren is aangeraden, aangezien de spa erg populair is, zowel bij de Québécois als bij toeristen. Badjas, handdoek en kleerkast zijn standaard inbegrepen in de prijs.




14. Skiën rond Québec
O ja, misschien toch nog één laatste tip, vooral dan voor de wintersporters onder jullie. In de nabije omgeving van Québec kan je namelijk ook gaan skiën. Dankzij het ijskoude klimaat in de winter en de grote sneeuwzekerheid in het oosten van Canada openen de meeste skigebieden hier al aan het begin van de maand december. Doorgaans valt er zelfs 4 meter sneeuw in de winter, ook al ligt Québec quasi op zeeniveau en even noordelijk als pakweg Lyon.
Verwacht je nu ook niet aan uitgestrekte skioorden zoals in de Franse Alpen, maar de skipistes van Québec nodigen wel sterk uit om eens een dagje de latten aan te binden. Al na een half uurtje rijden bereik je vanuit Québec-Stad de eerste skigebieden. Een auto is wel een must, aangezien openbaar vervoer buiten de stad erg karig is in Canada.
Enkele toonaangevende skigebieden rond Québec:
Koffers pakken en wegwezen
1. Welke reisdocumenten heb je nodig?
Om naar Canada te reizen heb je een internationale reispas nodig én een eTA (Electronic travel authorization). Je dient die voor vertrek online aan te vragen. Een eTA kost slechts 7 CAD (± 5 euro), de aanvraag duurt maar enkele minuten en de toelating is 5 jaar geldig vanaf de datum van aanvraag.
Bij aankomst op de luchthaven dien je aan een automatische kiosk ook nog een verklaring op eer af te leggen of je geen verboden goederen het land insmokkelt. Je kan ter plaatse tijd winnen door deze verklaring reeds op voorhand in te vullen via de ArriveCAN-app.
2. Hoe naar Québec reizen?
Wij vlogen met Air Canada naar Montréal, een vlucht van 7 à 8 uur. Montréal-Pierre Elliott Trudeau International Airport vormt de toegangspoort tot het oosten van Canada (provincie Québec). Québec-Stad beschikt zelf ook over een – weliswaar kleine – luchthaven: Aéroport international Jean-Lesage de Québec. Je kan erheen vliegen mits een overstap in Montréal. Maar de trein of de auto vormen toch wel een betere optie tussen beide steden. Zeker wanneer je Québec ook met een bezoek aan de metropool Montréal en de ruime regio gaat combineren.

In Montréal kan je dan ofwel een auto huren, ofwel verder naar Québec-Stad reizen met de trein. VIA Rail Canada verzekert meerdere keren per dag een rechtstreekse trein tussen de luchthaven van Montréal (Dorval) en Québec, via het centraal station van Montréal. Een gratis shuttlebusje van VIA Rail Canada overbrugt de afstand van 2 kilometer tussen de luchthaven en het station van Dorval. De treinrit naar Québec duurt ongeveer 4,5 uur. De splinternieuwe treinen van Duitse makelij zijn erg comfortabel, al laat de stiptheid van de Canadese spoorwegen soms wel te wensen over. Bouw dus voldoende buffer in! In Québec komt de trein aan in het fraaie Gare du Palais, dat op wandelafstand van Vieux-Québec ligt.
Tussen Montréal en Québec rijden ook comfortabele bussen van Orléans Express.
Tip: Neem op de trein een upgrade naar Businessclass. Voor een kleine meerprijs geniet je dan aan boord van ruimere zitplaatsen, leeslampjes, een warme maaltijd én een mobiele bar met bier, wijn, sterke dranken en frisdrank à volonté.



3. Hoe je in Québec verplaatsen?
De meeste bezienswaardigheden in Québec zijn gemakkelijk te voet te bereiken. Een auto heb je hier in principe niet nodig. Tussen de boven- en de benedenstad in Vieux-Québec pendelt er een funiculaire, al is dat eigenlijk meer een toeristische attractie dan een nuttig transportmiddel. Om naar de overzijde van de Sint-Laurens te reizen, naar Lévis, neem je de traversier. Tickets voor de boot koop je aan het loket in de veerhaven.


Québec kent ook een uitstekend busnetwerk. Buslijn 11 vormt de ruggengraat van het openbaar vervoer in de stad en bedient onder andere het treinstation, Vieux-Québec en de Grande Allée Est. Buslijn 800 rijdt vanaf Vieux-Québec (Place d’Youville) en het treinstation naar de Chûtes de Montmorency. Opgelet! Tickets op de bus kunnen enkel maar cash en met gepast geld betaald worden. Ticketautomaten zijn quasi onbestaande in Québec. Je kan wél tickets aanschaffen in verschillende krantenwinkels en apotheken. Klik hier voor een overzicht van de verkooppunten in de stad.
Buiten het centrum van Québec is een auto wel handig, aangezien het openbaar vervoer daar erg schaars is. Heb je geen wagen ter beschikking? Dan vormt Uber een eenvoudig en betaalbaar alternatief in en rond de stad.



4. Waar overnachten in Québec?
In Québec sliepen wij in het kunstzinnige C3 Hotel Art de Vivre, dat in een oud herenhuis uit 1852 resideert. Dit knusse boutiekhotel met amper 24 kamers bevindt zich in de Grande Allée Est, vlakbij het Parc des Champs-de-Bataille. Het interieur van het hotel bulkt van de moderne kunst, het resultaat van een vruchtbare samenwerking met de overburen van het Musée National des Beaux-Arts du Québec (MNBAQ). Voor de geïnteresseerden: alle kunst die je in het hotel ziet hangen, is daadwerkelijk te koop! Al moet je daar wel vaak enkele duizenden Canadese dollars voor neertellen… Gelukkig was onze ‘Creative Space’-kamer iets minder duur. Wij betaalden voor de kamer nog geen 100 euro per nacht, inclusief ontbijt.
Naar Vieux-Québec is het vanaf het hotel een twintigtal minuutjes stappen. Of enkele minuten rijden met bus 11, die voor de deur van het hotel stopt (halte Musée Beaux-Arts). Net om de hoek van het hotel sla je bovendien zo de Avenue Cartier in, met heel wat leuke opties om uit eten te gaan (zie verder).




Andere mooie tips voor hotels in Québec-Stad
- Château Frontenac *****
- Auberge Saint-Antoine Relais & Châteaux ****
- Hôtel Le Germain Québec ****
- Hôtel Nomad – Vieux-Québec ***
- Le Monastère des Augustines ***
5. Waar eten in Québec?
Plekjes genoeg in Québec waar je lekker uit eten kan gaan. La Buche in Vieux-Québec bijvoorbeeld is een erg populair restaurant en serveert de typische cuisine Québécoise, zoals de fameuze poutine: frieten overgoten met een bruine saus en stukjes kaas.
De restaurants in het toeristische Vieux-Québec zijn over het algemeen iets prijziger dan erbuiten. Waardige en tevens goedkopere alternatieven vind je onder andere in de Avenue Cartier, een zijstraat van de Grande Allée Est. Nog zo’n tip van Martin. De straat ligt vlakbij het Musée des Beaux-Arts en het hotel waar wij verbleven. Je herkent de Avenue Cartier al meteen aan z’n bijzondere straatverlichting.
Wij gingen hier aan tafel bij Bistro B, een stijlvol restaurant met een geraffineerde keuken. De gerechten wisselen er volgens het seizoen en het humeur van chef François Blais. Leuk hier is het moderne interieur met vintage accenten en de open keuken. Je kan er desgewenst ook plaatsnemen aan het aanrecht, met zicht op het zwoegende keukenpersoneel. Erg lekker eten tegen een best wel schappelijke prijs.




De meeste restaurants in de Avenue Cartier sluiten hun keuken wel al rond 21u. Wil je toch wat later op de avond dineren? Dan ben je in de Grande Allée Est aan het goede adres. Tegenover het opvallende Hôtel Le Concorde verwelkomen restaurants als Bistro l’Atelier en restaurant Ophelia je tot 22u à 23u, afhankelijk van de dag van de week.
Ook Hôtel Le Concorde zélf is een aanrader. Helemaal bovenin kan je tegen een schappelijke prijs lunchen of dineren in het ronddraaiende restaurant Le Ciel, dat je naast lekker eten ook op een prachtig panorama over de stad en de rivier trakteert. In het weekend is dit alvast een uitgelezen plek om te komen brunchen.
6. Wat is de beste reistijd voor Québec?
Québec kan je het hele jaar door bezoeken. De seizoenen kennen wel veel extremere verschillen dan bij ons, wat ieder seizoen wel een bepaalde charme bezorgt. De zomers zijn er vaak warm en de winters bitterkoud met veel sneeuw. Na de zomer is er een korte, maar erg kleurrijke herfst: de zogenaamde été indien. Bij ons bezoek in december bedroeg de maximumtemperatuur -13°C, maar de stad is dan ook op veel plekken sfeervol verlicht en van de knusse kerstmarkten – en de glühwein – krijg je het instant warm.
Eén à twee dagen zijn meestal wel voldoende voor een bezoek aan Québec. Wens je nog een uitstap buiten de stad te maken, zoals een ritje met de Train de Charlevoix of een dagje skiën? Trek dan nog een extra dag uit.

7. Welke taal spreek je in Québec?
Frans is de enige officiële taal in de provincie Québec. Waar je in de metropool Montréal nog veel Engels hoort praten, is dat in Québec-Stad veel minder het geval. Het is dus handig dat je een mondje Frans spreekt. Alhoewel! Aangezien Québec best wel wat toerisme trekt – vooral Amerikanen zijn er zot van – zal je in het centrum meestal wel in het Engels kunnen communiceren. Buiten de stad wordt het al iets moeilijker.
Overzichtskaart
Ontdek meer van Op Congé met Xavier
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

0 reacties op “Kerst in Québec: 14 x doen en zien tijdens de gezelligste tijd van het jaar”